Johan Barthold Jongkind - Het leven van Johan Barthold Jongkind
Home









 De vereniging 






Het leven van Johan Barthold Jongkind
De Nederlandse periode

Johan Barthold Jongkind werd in 1819 geboren in een eenvoudige familie, die hij op jonge leeftijd verliet. Het gezin van tien kinderen had geen plaats voor een artiest.
Vanaf 1837 volgt Johan Barthold privé onderricht in het atelier van Andreas Schelfhout. Deze schilderde met name stadsgezichten en landschappen en wordt gezien als een voorloper van de Haagse School. Dankzij Schelfhout ontwikkelt Jongkind een voorliefde voor het schilderen in de open lucht.


Schip bij ondergaande zon
pentekening
[1]

In 1843 ontvangt Jongkind van het koningshuis een beurs van 200 gulden om zijn opleiding voort te zetten. Hij maakt in 1845 kennis met de Franse schilder Eugène Isabey die hem uitnodigt om bij hem als leerling te komen studeren in Parijs. Jongkind’s droom komt in vervulling.


Schaatsers in de omgeving van Rotterdam, olieverf, 1868 [2]


De periode in Parijs

In 1846 beslist Jongkind om Nederland te verlaten. Hij is bij Eugène Isabey als leerling welkom. Isabey, die bekend is door zijn zeegezichten, schildert in Parijs veel taferelen langs de Seine.


Zelfportret in de zon, of de man met de strohoed
potlood en aquarel, 1850-1860
[3]

Jongkind moet echter in de Franse hoofdstad onder erbarmelijke omstandigheden leven. Hij verkocht weinig kunstwerken en leidde een armoedig bestaan.
Tijdens de grote Wereldtentoonstelling van 1855 vertoont Jongkind drie werken, maar ontvangt geen enkele prijs. Hij voelt zich verraden en gaat na deze zware periode van negen jaren weer naar Nederland.


De woestijnkoning, ets, 1855 [4]

Gedurende vijf jaar besteedt hij zijn volle tijd aan zijn werk waarvoor hij desondanks in zijn vaderland geen erkenning krijgt. Langzaam wordt hij overmeesterd door lichamelijke en morele wanhoop.
In 1860, eenzaam en diep in de schulden, besluit hij naar Parijs terug te keren.


De boulevard van het ziekenhuis in Parijs, aquarel, 28 mei 1868 [5]

Hier maakt hij kennis met Joséphine Fesser, die ook schildert en eveneens van Nederlandse oorsprong is. Zij wordt zijn engelbewaarder en geliefde, en zij bezorgt hem een evenwichtiger leven. In de komende jaren gaan ze samen op stap naar andere regio’s.


De kerk van Saint-SĂ©verin, Parijs
olieverf op hout, 8 mei 1878
[6]


De periode in Normandië

Jongkind had Normandië al in 1850 leren kennen toen hij vanuit Parijs Eugène Isabey begeleidde. De doeken van Isabey met als thema de zee en schepen inspireerden hem zeer. Tijdens die zomer bleef Jongkind aan de kust en schilderde de havens, vooral die van Harfleur.


Een haven in Normandië, olieverf, 1850 [7]

In 1862 keert hij met Joséphine Fesser naar Normandië terug en verblijft in Le Havre en in Saint-Adresse. Een jaar later wordt Honfleur zijn meest geliefde onderwerp. De haven, de vuurtoren en de pier zijn op vele schilderijen te herkennen.


Hollandse schaatsers met links een molen, olieverf, 1865 [8]

Hij beleeft zijn eerste gloriejaren in Normandië, waar hij een overvloed aan werken zal scheppen. Het jaar 1865 is zeer gunstig voor Jongkind, de bestellingen zijn talrijk. In zijn atelier in Honfleur schildert hij evengoed Normandische landschappen als wel de Hollandse kanalen. Hij zegt zelf : “het lijkt hier wel een bedrijf”. Financieel gaat het nu goed.


Buste van Jongkind door Philippe Solari
aardewerk, 1871
[9]


De periode Nivernaise

In augustus 1861 doet Joséphine Fesser aan Jongkind het voorstel om samen naar de streek “le Nivernais” te reizen. Zij gaat hier haar echtgenoot Alexandre opzoeken, die als kok in een kasteel van die omgeving werkzaam is.

De ontdekking van de Nivernais is voor de artiest een nieuwe belevenis. Na de plattelandstaferelen en de Seinevlakte wordt hij helemaal enthousiast voor dit heuvelland. Hij verkent de omstreken onder begeleiding van de jachtopziener. Deze is een vriend van de Fessers en verleent hem en Joséphine onderdak in Saint-Parize-le-Chatel.
In veel werken schildert Jongkind het leven van de boeren, het vee en de werktuigen. Een herderin aan het spinnewiel is vaak het motief in zijn aquarellen.
Na het korte zomerverblijf van 1861 woont hij weer in Parijs en bezoekt voorlopig niet meer de Nivernais.

Als in 1870 de Frans-Pruisische Oorlog uitbreekt, verlaat Jongkind de belegerde hoofdstad en gaat naar Nantes waar hij een korte tijd in de gevangenis terecht komt omdat hij wordt aangezien voor een buitenlandse spion. Eenmaal bevrijd reist hij naar de stad Nevers, centrum van de Nivernais. Hij laat aan de prefectuur weten zich hier te willen vestigen, alhoewel hij regelmatig in Parijs is.
In Nevers heeft hij in hetzelfde hotel onderdak als Alexandre Fesser, die zich hier voorgoed gevestigd heeft. Vanaf 1872 gaat de gezondheid van Jongkind achteruit en hij vermijdt het vele reizen.

Maar in 1873, als hij op bezoek is bij de zoon van Joséphine, Jules Fesser die in het dorp Pupetières woont, ontdekt hij de “Dauphiné”. Hij blijft nu langere perioden in de Dauphiné regio, hij voelt zich hier beter en gaat minder vaak naar Nevers. Parijs echter blijft hij een warm hart toedragen, getuige daarvan een aantal werken. Na het jaar 1875 en het overlijden van Alexandre Fesser, ziet men Jongkind alleen nog maar of in de Franse hoofdstad, of in de Dauphiné.


De periode Dauphinoise

Men kan gerust zeggen dat Joséphine Fesser veel invloed had op de werken van Jongkind, vooral wat betreft de thema’s.
Samen bezoeken ze regelmatig de vallei van de Bourbre en het kasteel van Virieu. Deze omgeving bevalt hun zeer.


Het kasteel van Virieu, olie op hout, september 1877 [10]


Châbons, aquarel en zwartsteen, 24 september 1876 [11]


Montrevel, aquarel [12]


La Côte-Saint-André vanaf de vlakte van de Bièvre, aquarel, 8 augustus 1882 [13]

Jules Fesser volgt als kok zijn overleden vader op. Hij koopt een huis in La Côte-Saint-André in 1878. Jongkind mag hier een atelier inrichten en blijft nu hoofdzakelijk in dit mooie gebied van Frankrijk.


Stadsplein van La Côte-Saint-André, olieverf, 1877 [14]

Het koortsachtig schilderen en het excessieve uitgaansleven behoren tot de verleden tijd.


Zomerlandschap in de Dauphiné, aquarel, 7 augustus 1882 [15]

Jongkind moet op zijn gezondheid letten. De natuur en het goede contact met de bevolking maken dat hij zijn laatste levensjaren in een rustige sfeer doorbrengt, maar hij is niettemin zeer productief.
De hele omgeving wordt op het doek vastgelegd, een blijvende herinnering aan zijn laatste blikken op deze aarde.


Winter in de Dauphiné, aquarel, 1880 [16]


Heuvel bij La Côte-Saint-André, olieverf, 1882 [17]

In 1891 blaast Jongkind zijn laatste adem uit. Joséphine Fesser sterft een paar maanden daarna. Beiden rusten naast elkaar in het kleine kerkhof van La Côte-Saint-André.


Het kerkhof van Balbins, olieverf, 1888 [18]

*  *  *

[1]  Jongkind - Schip bij ondergaande zon - pentekening - 29 x 19.5 cm - © Photograph Musée de Grenoble
[2]  Jongkind - Schaatsers in de omgeving van Rotterdam - olieverf - 1868 - 24.5 x 32.5 cm - © Musée Faure, Aix-les-Bains
[3]  Jongkind - Zelfportret in de zon, of de man met de strohoed - potlood en aquarel - 1850-1860 - 20 x 17 cm - © Photo RMN / Hervé Lewandowski
[4]  Jongkind - De woestijnkoning - ets - 1855 - © Collection Musée dauphinois, Grenoble
[5]  Jongkind - De boulevard van het ziekenhuis in Parijs - aquarel - 28 mei 1868 - © Private collection
[6]  Jongkind - De kerk van Saint-SĂ©verin, Parijs - olieverf op hout - 8 mei 1878 - 18.5 x 11.9 cm - © Musée Faure, Aix-les-Bains
[7]  Jongkind - Een haven in NormandiĂ« - olieverf - 1850 - 106,4 x 161,2 cm - © MusĂ©e de Picardie, Amiens / Marc Jeanneteau
[8]  Jongkind - Hollandse schaatsers met links een molen - olieverf - 1865 - 24.5 x 35.5 cm - © Photo RMN / Hervé Lewandowski
[9]  Philippe Solari - Buste van Jongkind - aardewerk - 1871 - © Collection Musée dauphinois, Grenoble
[10]  Jongkind - Het kasteel van Virieu - olie op hout - september 1877 - 16 x 27 cm - © Galerie Noortman Maastricht, Holland
[11]  Jongkind - Châbons - aquarel en zwartsteen - 24 september 1876 - 22 x 48.9 cm - © Photo RMN / Thierry Le Mage
[12]  Jongkind - Montrevel - aquarel - Between 1873 and 1878 - 12.4 x 18.9 cm - © Photo RMN / Thierry Le Mage
[13]  Jongkind - La CĂ´te-Saint-AndrĂ© vanaf de vlakte van de Bièvre - aquarel - 8 augustus 1882 - 15 x 47 cm - © Private collection
[14]  Jongkind - Stadsplein van La CĂ´te-Saint-AndrĂ© - olieverf - 1877 - 22 x 36 cm - © Private collection
[15]  Jongkind - Zomerlandschap in de DauphinĂ© - aquarel - 7 augustus 1882 - © Private collection
[16]  Jongkind - Winter in de DauphinĂ© - aquarel - 1880 - 16.5 x 25 cm - © Photograph Musée de Grenoble
[17]  Jongkind - Heuvel bij La CĂ´te-Saint-AndrĂ© - olieverf - 1882 - 70 x 50 cm - © Musée Faure, Aix-les-Bains
[18]  Jongkind - Het kerkhof van Balbins - olieverf - 1888 - 23 x 36 cm - © Musée Faure, Aix-les-Bains

php5.1.3RC4-dev  www.jongkind.fr © 2005 - 2018. Alle rechten voorbehouden.